Hoofdstuk 6: De opstand tegen God

Inhoud

Inleiding

1.Het Oosten: Een gewelddadige opstand tegen God
a. Hoe de Sovjet-Unie orthodoxe religies met geweld heeft vernietigd
b. De Vernietiging van cultuur, religie en de verbreking van de verbinding tussen mens en God door de Chinese Communistische Partij

2.In het westen: Infiltratie en beperking van religies
a. Infiltratie van religies
b. Beperking van religies

3. De verdraaide theologie van het communistische spook

4. Religieuze chaos

Voetnoten

****

Inleiding

Bijna alle volkeren van de wereld kennen hun eigen mythen en legenden, verhalen die de schepping bespreken van de mens door hun goden, naar hun evenbeeld, verhalen die de basis leggen voor de moraal en cultuur van dat volk. Deze tradities laten een weg achter om terug te keren naar de hemel voor degenen die in die goden geloven. In het Oosten en het Westen zijn er verslagen en legenden over hoe de Chinese moedergodin Nüwa en Jehovah hun eigen volkeren hebben geschapen.

Goden vermanen de mens om hun geboden op te volgen en anders door hun gestraft te worden. In tijden van wijdverbreid moreel verval vernietigden de goden de mens om de zuiverheid van het universum in stand te houden. Veel volkeren over de hele wereld hebben legenden over grote overstromingen die beschavingen verwoestten. Sommigen worden zelfs in detail beschreven.

Om de moraal van mensen te behouden, zijn er tijden waarin verlichte wezens of profeten in de menselijke wereld reïncarneren om het hart van mensen te rectificeren, om te voorkomen dat ze vernietigd worden, en om hun beschavingen te leiden in hun ontwikkeling naar volwassenheid. Dergelijke individuen zijn onder andere Mozes en Jezus in het Westen, Lao zi in het Oosten, Sakyamuni in India en Socrates in het oude Griekenland.

Geschiedbesef en cultuur helpen mensen te begrijpen wat Boeddha’s, Taos en goden zijn, wat het betekent om in Goden te geloven en hoe cultivatie te beoefenen. De verschillende spirituele scholen leren wat rechtschapen en wat kwaadaardig is, hoe waarheid van leugens en goed van kwaad te onderscheiden. Ze onderrichten de mens om aan het einde der tijden de terugkomst van de Schepper af te wachten, om gered te kunnen worden en terug te kunnen keren naar de Hemel.

Zodra mensen de band verbreken met de god die hen geschapen heeft, zal hun moraal snel verslechteren. Sommige rassen zijn op die manier verdwenen, zoals de legendarische Atlantische beschaving, die in een oogwenk door de zee verzwolgen werd.

In het Oosten, vooral in China, is geloof en spiritueel bewustzijn diep geworteld in het hart van de mensen, als basis van de traditionele cultuur. Het is daarom moeilijk om het Chinese volk te misleiden tot het accepteren van atheïsme op basis van een paar simpele leugens. Om de 5000 jaar aan geloofsovertuigingen en cultuur uit te roeien, gebruikte het communistische spook grootschalig geweld om de elite, de schatbewaarders van de traditionele cultuur, af te slachten en vervolgens leugens te gebruiken om de jeugd van generatie op generatie te misleiden.

In het Westen en andere delen van de wereld zijn religies en geloofsovertuigingen de belangrijkste middelen van contact tussen mens en goden, en ook belangrijke hoekstenen voor het handhaven van morele standaarden. Hoewel het communisme er niet in slaagde de communistische tirannie in deze landen te verwezenlijken, bereikte het zijn doel, namelijk het vernietigen van orthodoxe religies en het corrumperen van de mens door misleiding, afwijking en infiltratie.

1.Het Oosten: een gewelddadige opstand tegen God

a. Hoe de Sovjet-Unie orthodoxe religies met geweld heeft vernietigd

Het communistische manifest roept op tot de vernietiging van het gezin, de kerk en de staat. Het is dus duidelijk dat het elimineren en ondermijnen van religies een van de belangrijke doelen van de Communistische Partij is.

Marx wist, getuige zijn ontwikkeling van godvrezend persoon tot duivelsaanbidder, duidelijk van het bestaan van de goden en Satan. Hij wist ook duidelijk, dat onverbloemd satanisme moeilijk te verkopen is aan, vooral religieuze, mensen. Daarom pleitte hij vanaf het begin voor atheïsme, waarbij hij verklaarde dat “religie de opium van het volk” was en “het communisme met atheïsme begint”. [1]

Mensen hoeven niet direct de duivel te aanbidden; zolang ze niet meer in goden geloven, kan de duivel de ziel verderven en bezetten, en uiteindelijk de mens naar de hel sleuren. Vandaar dat communisten zingen: “Er is nooit een redder van de wereld geweest, / Noch goden, noch keizers om op te vertrouwen. / Om het geluk van de mens te creëren / Moeten we volledig op onszelf vertrouwen!”

Marx verguisde religies en rechtschapen goden in theorie, terwijl Lenin na de machtsgreep van 1917 het staatsapparaat gebruikte om hen in werkelijkheid aan te vallen. Lenin gebruikte geweld en andere pressiemiddelen om orthodoxe religies en orthodox geloof te onderdrukken en mensen te dwingen zich te distantiëren van goden.

In 1919 begon Lenin met het op grote schaal uitbannen van religie onder het motto van een verbod op het verspreiden van ouderwets gedachtegoed. In 1922 nam Lenin een geheime resolutie aan, waarin werd bepaald dat alle waardevolle bezittingen, vooral die van de rijkste religieuze instellingen, “met meedogenloze vastberadenheid, zonder enige aarzeling en binnen de kortste tijd” moesten worden geconfisqueerd. Hij verklaarde: “Hoe meer reactionaire geestelijken en de reactionaire bourgeoisie we bij deze gelegenheid weten af te knallen, hoe beter, omdat juist deze “toeschouwers” nu zodanig een lesje geleerd moet worden, dat ze de komende tientallen jaren niet zullen durven denken aan welke vorm van verzet dan ook” [2].

Over een lange periode werd een groot deel van het kerkelijk bezit geplunderd, kerken en kloosters gesloten, een groot deel van de geestelijkheid gearresteerd en duizenden orthodoxe geestelijken geëxecuteerd.

Lenin werd na zijn dood opgevolgd door Stalin, die in de jaren dertig van de vorige eeuw een uiterst wrede zuivering begon. Behalve leden van de Communistische Partij waren intellectuelen en geestelijken het doelwit van de zuivering. Stalin beval het gehele land om het Vijfjarenplan van het Atheïsme ten uitvoer te brengen. Hij verklaarde dat wanneer hij het plan had voltooid, de laatste kerk zou zijn gesloten, de laatste priester zou zijn vermoord, de Sovjet-Unie een vruchtbaar land voor het communistische atheïsme zou worden en men geen spoor van religie meer zou vinden.

Volgens voorzichtige schattingen werden in de campagne maar liefst 42.000 priesters doodgemarteld. In 1939 waren er iets meer dan 100 orthodoxe kerken in de hele Sovjet-Unie publiek toegankelijk, terwijl er meer dan 40.400 waren voordat de Sovjet-Unie de macht greep. 98 procent van de orthodoxe kerken en kloosters in de hele Sovjet-Unie was gesloten. Katholieke kerken werden ook uitgeroeid, en de culturele elite en intellectuelen werden naar de Goelag kampen gestuurd of doodgeschoten.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog leek Stalin de vervolging van de orthodoxe en katholieke kerken te onderbreken, om zo gebruik te maken van de financiële middelen en mankracht van de kerk om zich te weren tegen Duitsland. Hiermee wekte hij de indruk dat hij misschien de religies zou gaan rehabiliteren. Hij had echter een minder verheven doel voor ogen: Strikte controle uitoefenen over de herstelde orthodoxe kerk en de katholieke kerk om daarmee traditionele religies te ondermijnen.

Alexy II van de voormalige Sovjet-Unie werd in 1961 bevorderd tot bisschop van de Orthodoxe Kerk en werd aartsbisschop in 1964. In 1990 nog voor het uiteenvallen van de Sovjet-Unie, werd hij patriarch van Moskou. Na de ineenstorting van de Sovjet-Unie werden kort de KGB-archieven geopend en bleek dat Alexy II voor de KGB werkte (Komitet gosudarstvennoy bezopasnosti, oftewel het Comité voor Staatsveiligheid, feitelijk de geheime dienst van de Sovjet-Unie).

Later bekende Alexy II, dat hij een agent van de Sovjets was. Hij betuigde openlijk spijt: “Om het ene te bewaren, was het nodig om iets anders op te geven. Waren andere organisaties, of mensen onder hen, die voor zichzelf, maar ook voor duizenden anderen verantwoordelijkheid moesten dragen in die jaren in de Sovjet-Unie niet gedwongen hetzelfde te doen? Aan deze mensen, echter, voor wie de compromissen, het zwijgen, de gedwongen passiviteit en de uitingen van loyaliteit door de leiders van de kerk leed hebben veroorzaakt, aan deze mensen, en niet alleen ten overstaan van God, vraag ik vergiffenis, begrip en gebeden” [3].

Op deze manier werd religie, onder het toeziend oog van het kwade, communistische spook, een instrument voor hersenspoeling en misleiding van de massa.

De Communistische Partij van de Sovjet-Unie hield de invloedssfeer van deze pseudo-religie niet beperkt tot haar eigen grondgebied, maar breidde haar kwaadaardige invloed ook systematisch uit naar de rest van de wereld.

b. De Vernietiging van Cultuur, Religie en de verbreking van de verbinding tussen mens en God door de Chinese Communistische Partij.

De CCP vernietigt de traditionele Chinese cultuur

Hoewel China niet één godsdienst kent voor al haar onderdanen zoals in andere landen, heeft het Chinese volk ook een sterk geloof in goden en Boeddha’s. Het religieuze leven in China is uniek: In tegenstelling tot andere regio’s met religieuze conflicten hebben confucianisme, boeddhisme, taoïsme en zelfs westerse religies vreedzaam naast elkaar bestaan. Deze overtuigingen vormen de basis van de traditionele cultuur van China.

Ondanks de grote zondvloed, die de vernietiging van de mensheid teweegbracht, heeft China zijn volledige beschaving in stand weten te houden en zich sindsdien verder ontwikkeld. Haar 5.000 jaar aan geschiedenis is ononderbroken vastgelegd. China creëerde een groots en schitterend tijdperk, dat waardering en respect afdwong bij vele naties. China werd het “Hemelse Rijk” genoemd. De cultuur van het land heeft de hele Oost-Aziatische regio diepgaand beïnvloed en heeft geleid tot de vorming van een Chinese beschavingssfeer. Het openen van de Zijderoute en het verspreiden naar het Westen van de vier grote uitvindingen (papier, kompas, buskruit en drukwerk) bevorderde een wereldwijde beschaving en beïnvloedde de ontwikkeling van Europa en zelfs de rest van de wereld.

China’s schitterende cultuur en levensbeschouwelijke tradities zijn in de loop van 5000 jaar tot op het merg geïntegreerd in de ziel van het Chinese volk – en dit maakte het tot het doelwit van het communistische kwaadaardige spook, dat dit wilde vernietigen. Echter, simpelweg het Chinese volk te misleiden en ertoe te verleiden om duizenden jaren aan traditionele cultuur en overtuigingen op te geven en de westerse ideologie van het communisme te accepteren, bleek niet mogelijk. Daarom gebruikte de CCP allerlei boosaardige tactieken gedurende tientallen jaren van hardnekkige politieke campagnes. Door te beginnen met gewelddadige slachtingen ondermijnde de CCP de essentie van religies, vervolgde het intellectuelen en vernietigde het de traditionele Chinese cultuur, waaronder de materiële cultuur (architectuur, tempels, culturele relikwieën, antieke schilderijen, oude curiosa en dergelijke). De partij probeerde de verbinding tussen God en de mens door te snijden om zo de vernietiging van de traditionele cultuur en de mens te bewerkstelligen.

Met het vernietigen van de traditionele cultuur, stichtte de partij ook systematisch de kwaadaardige partijcultuur en gebruikte deze om degenen die niet gedood waren te cultiveren en te trainen. Ze werden zo omgevormd tot instrumenten om de traditionele cultuur te ondermijnen, waarbij sommigen het communistische spook volgden om anderen af te slachten.

De CCP heeft heel goed gesnapt hoe je economische belangen, politieke hersenspoeling en andere middelen kunt gebruiken om mensen te doen bezwijken voor manipulatie. Herhaaldelijke politieke campagnes, repressie en slachting hebben het CCP steeds meer vertrouwd gemaakt met deze tactieken en voorbereid op de laatste strijd tussen goed en kwaad in de menselijke wereld.

Vernietiging van het fundament van de traditionele cultuur

De landheren en adel van het platteland en de kooplieden en geleerden van de steden vormden de elite van de traditionele cultuur van China. Zij droegen de verantwoordelijkheid van het erven en overdragen van China’s tradities. In het beginstadium van de machtsovername door de CCP in 1949 gebruikte de partij een reeks campagnes, zoals de landhervormingscampagne, de campagne tegen de contra-revolutionairen, de Drie Anti-campagne en de Vijf Anti-campagne, om landheren en adel in de dorpen en kapitalisten in de steden af te slachten. Met het plunderen van de rijkdom van de hogere sociale klassen en het zaaien van terreur vernietigde de partij de elite die de dragers waren van de traditionele cultuur.

Door gebruik te maken van methodes als “institutionele aanpassingen” en de “ideologische hervorming” van geleerden, werd een nieuwe generatie van studenten geïndoctrineerd met materialisme, atheïsme en de evolutietheorie. De CCP hersenspoelde ze op systematische wijze en zaaide haat tegen traditionele cultuur. Met de anti-rechtse beweging in de jaren vijftig werden alle dissidente intellectuelen verbannen en veroordeeld tot heropvoeding door dwangarbeid. Hiermee werden ze naar de laagte positie van de samenleving verbannen. De Partij maakte daarmee geleerden – wiens opvattingen ooit waren gerespecteerd en die de maatschappij hadden geleid – tot het onderwerp van hoon en spot.

Na de uitroeiing van de traditionele elite kwam een einde aan het proces van erven en doorgeven van de traditionele Chinese cultuur, welke generaties lang had bestaan. Jongeren van de nieuwe generatie werden niet langer via het gezin, school, maatschappij of dorp vertrouwd gemaakt, opgenomen en gekoesterd in die cultuur – en werden zo een generatie zonder traditionele cultuur.

Na de anti-rechts campagne waren er geen onafhankelijke meningen meer; niet in het gezin, op school of in de maatschappij. Toch was de CCP nog niet tevreden. Ouderen hadden immers nog steeds de herinnering aan de traditionele cultuur bewaard en de materiële getuigenissen van de traditionele cultuur, waaronder oude artefacten en gebouwen, waren overal aanwezig. Bovendien werden traditionele waarden nog steeds doorgegeven via de kunsten.

In 1966 startte de CCP een beweging die gericht was op het op grotere schaal vernietigen van de traditionele cultuur – de Grote Culturele Revolutie. Met behulp van studenten die na de oprichting van de Volksrepubliek China waren gehersenspoeld, wakkerde ze de frustratie en rebellie aan die komt met de puberteit en gebruikte ze de campagne van het ‘Vernietigen van de Vier Ouden’ (oude ideeën, oude cultuur, oude gebruiken, oude gewoonten) om de traditionele Chinese cultuur te verwoesten en te ruïneren.

Na de Culturele Revolutie wakkerde het hellevuur van de Vernietiging van de Vier Ouden door het land van China. Kloosters, tempels, boeddhistische beelden en schilderijen, artefacten en culturele plaatsen werden volledig verwoest. De belangrijkste toonbeelden van de Chinese cultuur die duizenden jaren lang overgeërfd en bewaard waren gebleven, werden van de ene op de andere dag onherstelbaar vernietigd.

Voor de Culturele Revolutie waren er meer dan 500 tempels en kloosters in Peking. Elke stad had oude muren, tempels en kloosters. Oude artefacten waren overal te vinden. Oppervlakkig begraven, waren kunstvoorwerpen van de recente geschiedenis te vinden. Dieper, tot zo’n 6 meter, waren ontelbare artefacten achtergelaten door voorgaande dynastieën. Desalniettemin werden tijdens de Culturele Revolutie grote hoeveelheden van deze voorwerpen vernietigd.

De campagne om de Vier Ouden te vernietigen, verwoestte niet alleen plaatsen van religie, gebed en cultivatie – oude plaatsen die de harmonie tussen de mens en de Hemel vertegenwoordigden – maar ging ook over het elimineren van de meest basale rechtschapen overtuigingen uit de harten van de mensen, zoals het geloof in de harmonie tussen mens en kosmos. Veel mensen, die geloven dat dergelijke tradities niet relevant zijn, zullen hier misschien licht over denken, maar wanneer mensen de banden met de goden verbreken, zullen ze op hun beurt de bescherming van de goden verliezen en op een gevaarlijke afgrond uitkomen. Op dat moment is het nog slechts een kwestie van tijd.

Om de band tussen het Chinese volk en zijn voorouders en goden te verbreken, nam de CCP het voortouw in het vervloeken van de voorouders van het Chinese volk en het bezoedelen en versmaden van de traditionele cultuur. Overal ter wereld vereren landen hun voorouders en koningen uit het verleden en hechten mensen waarde aan hun tradities. Ook de wijzen en filosofen van de Chinese geschiedenis hebben een cultuur van pracht en praal doorgegeven. Deze cultuur is een schat die aan China en de wereld toebehoort, en verdient het respect van toekomstige generaties.

Maar in de ogen van de CCP en haar onbeschaamde propagandisten waren keizers, generaals, geleerden en begaafde mensen uit het oude China nergens goed voor. Een dergelijke belediging van de eigen voorouders is werkelijk een unicum in de geschiedenis. Onder leiding van de CCP kwam het Chinese volk ertoe om zich tegen God te verzetten, hun voorouders te verwerpen en hun eigen cultuur te vernietigen. Daarmee betraden ze een gevaarlijk pad.

Vervolging van religie

Religieus geloof is een essentieel onderdeel van de traditionele Chinese cultuur en het Taoïsme, Boeddhisme en Confucianisme dat we wereldwijd kennen, waren onderling verweven en hun luister hield duizenden jaren stand. Veel westerse religies speelden ook een rol in de Chinese geschiedenis.

Nadat de CCP in 1949 met geweld de macht had genomen, trad het in de voetsporen van de Sovjet-Unie. Aan de ene kant promootte de CCP het atheïsme en lanceerde het ideologische aanvallen tegen het geloof in God. Aan de andere kant maakte het in een reeks politieke campagnes gebruik van geweld en zware druk om religies te onderdrukken, te vervolgen en te elimineren, onder meer door moord op praktiserende gelovigen. De vervolging van mensen met een orthodoxe geloofsovertuiging werd heviger en heviger en culmineerde in de bloedige vervolging van de spirituele discipline van Falun Gong sinds 1999.

Na 1949 begon de CCP op grote schaal religies te vervolgen en religieuze bijeenkomsten te verbieden. De CCP verbrandde talrijke kopieën van De Bijbel en geschriften van vele andere religies. Het eiste ook zware straffen tegen christenen, katholieken, taoïsten en boeddhisten; ondermeer dat leden zich bij de overheid registreerden en spijt zouden betuigen van zogenaamde fouten. Degenen die weigerden mee te werken, werden zwaar gestraft.

In 1951 verklaarde de CCP ook onomwonden dat degenen, die religieuze bijeenkomsten bleven bijwonen, zouden worden geëxecuteerd of levenslang zouden worden opgesloten. Talrijke boeddhistische monniken werden verjaagd uit tempels of gedwongen te leven en te werken in een seculiere omgeving. Katholieken en westerse priesters in China werden gevangengezet en gemarteld. Chinese priesters gingen ook naar de gevangenis, terwijl gelovigen werden geëxecuteerd of naar de hervopvoedingskampen werden gestuurd. Christelijke priesters en volgelingen ondergingen eenzelfde lot als de katholieken.

Na 1949 werden meer dan 5.000 Chinese katholieke bisschoppen en priesters gevangen gezet of geëxecuteerd, slechts enkele honderden bleven over. Enkele buitenlandse priesters in China werden geëxecuteerd. De rest werd uitgezet. Meer dan 11.000 katholieken werden gedood. Talrijke volgelingen werden willekeurig gearresteerd of afgeperst. Volgens onvolledige statistieken werden in de eerste jaren na de macht van de CCP bijna 3 miljoen religieuze volgelingen en leden van religieuze organisaties gearresteerd of geëxecuteerd.

Om de grip op religies te versterken, richtte de CCP net als de Communistische Sovjetpartij voor elke religieuze groep regelgevende instanties op, zoals de Chinese Taoïstische Vereniging, de Chinese Boeddhistische Vereniging en dergelijke. Voor de katholieken richtte de CCP de Chinese Patriottische Katholieke Vereniging op, die zij volledig beheerste. Alle religieuze verenigingen werden opgericht ter navolging van de wil van de Partij, die over alle leden heerste en hun gedachten “hervormde”. Tegelijkertijd gebruikte de CCP deze verenigingen om daden te doen die niet openlijk door het kwaadaardige spook konden worden verricht, namelijk het zaaien van onenigheid en het corrumperen van orthodoxe religies van binnenuit.

De CCP behandelde het Tibetaans boeddhisme op soortgelijke wijze. Na de invasie en bezetting van Tibet in 1950 begon de CCP met een zware vervolging van het Tibetaans boeddhisme. In 1958 is de 14e Dalai Lama uit Tibet ontsnapt. Hij leeft sindsdien in ballingschap in India, wat de CCP beschouwde als een opstand. In mei 1962 diende de 10e Panchen Lama bij de Staatsraad van de CCP een rapport in over de sabotage van de Tibetaanse cultuur, met name die van boeddhistische tradities:

Wat betreft de vernietiging van boeddhistische beelden, geschriften en stoepa’s, kwam het erop neer dat, afgezien van een zeer klein aantal kloosters, waaronder de vier grote kloosters die beschermd waren, in de andere kloosters van Tibet en in de dorpen, kleine steden en steden in de afgelegen landbouw- en veeteeltgebieden, is het zo dat sommige van onze Han kaders een plan bedachten, onze Tibetaanse kaders mobiliseerden mensen, en sommige activisten, die niet helemaal bij zinnen waren, speelden de rol van uitvoerders van dat plan.

In naam van de massa en zich voordoend als vertegenwoordigers van de massa brachten zij een vloedgolf van vernietiging van Boeddhabeelden teweeg. Boeddhistische geschriften en stoepa’s werden in het water of op de grond gegooid en aan gruzelementen geslagen of omgesmolten. Ze pleegden roekeloos, wilde en overhaaste vernietiging van kloosters, boeddhistische zalen, “mani”-muren en stoepa’s en stalen vele ornamenten van beelden van de Boeddha en kostbaarheden uit boeddhistische stoepa’s. Omdat de overheid bij de aankoop van non-ferro metalen niet zorgvuldig te werk ging, kocht ze veel beelden van Boeddha, stupa’s en offerschalen gemaakt van non-ferro metalen, daarmee getuigde ze van een houding tot aanmoediging van de vernietiging van deze dingen. Als gevolg hiervan leken sommige dorpen en kloosters niet het resultaat te zijn van gericht menselijk handelen, maar het gevolg van een bombardement of een oorlog die net was afgelopen. het was een ondraaglijk gezicht. Bovendien beledigden ze religies zonder enige scrupules, en gebruikten ze de Tripitaka als grondstof voor mest, en sutra’s en afbeeldingen van de Boeddha om schoenen van te maken. Dit was volstrekt absurd. Omdat ze veel dingen deden die zelfs krankzinnigen nauwelijks zouden doen, waren mensen van alle lagen van de bevolking diep geschokt, emotioneel in de war en zeer ontmoedigd en gedesillusioneerd. Met tranen in de ogen schreeuwden ze het uit: ‘Ons land is veranderd in een duistere krocht’ en andere deerniswekkende kreten. [4]

Nadat de Culturele Revolutie in 1966 was begonnen, werden veel Lama’s gedwongen in de seculiere wereld te leven en talrijke kostbare geschriften werden verbrand. In 1976 waren er van de 2.700 tempels in Tibet nog maar 8 over. De Jokhang Tempel, meer dan 1300 jaar geleden en nog vóór de Tang Dynastie gebouwd, de belangrijkste tempel in Tibet, werd ook geplunderd tijdens de Culturele Revolutie.

In China heeft cultivatie volgens het Taoïsme een lange geschiedenis. Meer dan 2.500 jaar geleden liet Laozi de Dao De Jing achter, bestaande uit 5.000 Chinese karakters. Het is de essentie van de taoïstische cultivatiemethode. De verspreiding van de Dao De Jing was niet beperkt tot de oostelijke landen; veel westerse landen vertaalden het ook in hun eigen taal. Toch werd Laozi tijdens de Culturele Revolutie bekritiseerd als hypocriet, en de Dao De Jing werd bestempeld als “feodaal bijgeloof”.

De kernwaarden van het Confucianisme waren vriendelijkheid, rechtvaardigheid, een morele instelling om goed te doen, correct handelen, wijsheid en vertrouwen. Confucius legde de morele normen voor generaties vast. Tijdens de Culturele Revolutie leidden de rebellen in Peking de Rode Garde naar Qufu, de geboortestad van Confucius, waar ze oude boeken molesteerden en verbrandden, en duizenden historische grafstenen, waaronder die van Confucius, vernielden. In 1974 lanceerde de CCP nog een campagne “Bekritiseer Lin [Biao], bekritiseer Confucius”. De CCP beschouwde het traditionele denken van het Confucianisme – hoe men moet leven en de morele normen die men moet handhaven – als waardeloos.

Nog bruter en tragischer was de vervolging die in juli 1999 werd gelanceerd door de toenmalige Partijleider Jiang Zemin tegen Falun Gong (ook bekend als Falun Dafa) en haar beoefenaars, die Waarachtigheid, Mededogen en Verdraagzaamheid beoefenen. Bovendien pleegt de Partij orgaanroof op levende Falun Gong beoefenaars, een misdaad die nog niet eerder op de planeet voorkwam.

In een paar decennia tijd heeft de CCP duizenden jaren aan traditionele cultuur, morele waarden en overtuigingen van zelf-cultivatie volledig verwoest. Als gevolg daarvan geloven mensen niet langer in goden, keren zich af van God en ervaren een spirituele leegte en een corrumpering van morele waarden. Zo verslechterde de samenleving met de dag.

2.In het westen: Infiltratie en beperking van religie

De duivel van het communisme heeft ook systematisch regelingen getroffen om gelovigen in niet-communistische landen aan te vallen. Via de Communistische Partij van de Sovjet-Unie en de CCP heeft het geld en spionnen gebruikt om onder het voorwendsel van religieuze uitwisseling, in de religieuze instituties van andere landen te infiltreren en zo rechtschapen geloofsovertuigingen te verdraaien of rechtstreeks aan te vallen, en socialistische en communistische ideologieën in religies te introduceren. Dit leidde ertoe dat gelovigen door gingen met het aanbidden en beoefenen van religies die door de communistische ideologie waren verdorven.

a. Infiltratie van religie

Curtis Bowers, maker van de Amerikaanse documentaire Agenda – de langzame afbraak van Amerika, onthulde dat hij een getuigenis vond, in 1953 gegeven voor het Congres door Manning Johnson, vooraanstaand lid van de Communistische Partij. Johnson zei:

Zodra de tactiek van het infiltreren in religieuze organisaties door het Kremlin was opgezet, was de feitelijke invoering van de ‘nieuwe lijn’ een kwestie van het volgen van de algemene ervaringen met de huidige kerkbeweging in Rusland, waarbij de communisten ontdekten dat de vernietiging van religie veel vlotter kon verlopen door infiltratie van de kerk door communistische agenten…

In het algemeen, was het idee om de nadruk van het geestelijk denken te verleggen van het spirituele naar het materiële en politieke – en met politieke wordt natuurlijk bedoeld politiek gebaseerd op de communistische doctrine van de verovering van de macht. In plaats van het accent te leggen op  het geestelijke denken en zielsaangelegenheden, kwam de nadruk te liggen op zaken die vooral leidden naar communistische stokpaardjes, zoals de ‘onmiddellijke eisen’. Deze maatschappelijke eisen waren natuurlijk van dien aard, dat ervoor vechten de verzwakking zou betekenen van de samenleving en deze klaar te maken voor de uiteindelijke verovering door de communistische krachten.

De duivel van het communisme heeft zo inderdaad gehandeld. Sommige marxisten vermomden zich bijvoorbeeld en infiltreerden in christelijke kerken in de Verenigde Staten. Zij begonnen in de jaren tachtig en negentig de seminaries binnen te dringen en hebben vervolgens generatie na generatie priesters en predikanten opgeleid, die op hun beurt de religies in de Verenigde Staten sterk hebben beïnvloed.

De Bulgaarse historicus Momchil Metodiev onthulde  na uitgebreid onderzoek in de archieven van de Bulgaarse Communistische Partij tijdens de Koude Oorlog, dat het Oost-Europese communistische inlichtingen netwerk nauw samenwerkte met de religieuze comités van de Partij om internationale religieuze organisaties te beïnvloeden en te infiltreren. [5]

Op wereldschaal was de Wereldraad van Kerken (WCC) een organisatie die aanzienlijk geïnfiltreerd werd door het communisme in Oost-Europa. De WCC, opgericht in 1948, is een wereldwijde interkerkelijke christelijke organisatie. Onder de leden van de WCC bevinden zich kerken van verschillende christelijke hoofdstromingen, die ongeveer 590 miljoen mensen uit 150 verschillende landen vertegenwoordigen. De WCC is dus een belangrijke kracht in religieuze wereldkringen.

De WCC was echter de eerste internationale religieuze organisatie die tijdens de Koude Oorlog communistische landen (waaronder de Sovjet-Unie en de aan haar ondergeschikte staten) als leden aanvaardde, en financiële steun van communistische landen accepteerde.

De communistische infiltratie van de WCC bracht belangrijke overwinningen met zich mee, zoals de verkiezing van de Russisch-orthodoxe bisschop van Leningrad, Nikodim, tot voorzitter van de WCC in 1975. Een andere overwinning was de decennialange rol die de Bulgaarse communistische spion Todor Sabev speelde en die tussen 1979 en 1993 als plaatsvervangend algemeen secretaris van de WCC diende. Historicus Momchil Metodiev merkt op dat Nikodim in de jaren 70 de infiltratie leidde onder regie van de KGB, met steun van bisschoppen en agenten in Bulgarije. [6]

Op basis van een vrijgegeven KGB-dossier uit 1969 schrijft historicus en professor Christopher Andrew van de Cambridge Universiteit, dat tijdens de Koude Oorlog belangrijke vertegenwoordigers van de Russisch-orthodoxe kerk in de WCC voor de KGB werkten en heimelijk invloed uitoefenden op het beleid en de activiteiten van de WCC. Uit een vrijgegeven KGB-dossier uit 1989 blijkt dat deze door de KGB gecontroleerde Russisch-orthodoxe kerkelijke vertegenwoordigers met succes hun agenda in de PR uitingen van de WCC hebben weten laten op te nemen.[7]

Als we snappen hoe de Oost-Europese communisten de kerken hebben geïnfiltreerd en gemanipuleerd, is het niet moeilijk te begrijpen waarom de WCC in weerwil van haar leden heeft aangedrongen op financiering van het Zimbabwe African National Union-Patriotic Front (ZANU-PF) in januari 1980. De ZANU-PF was een beruchte groep communistische guerrillastrijders die bekend stonden om het vermoorden van missionarissen en het neerschieten van commerciële vluchten.

De WCC was ook geïnfiltreerd door de CCP via de Chinese Christelijke Raad, een instrument van de Partij om de religie te controleren. De Raad is de enige officiële vertegenwoordiger van het communistische China in de WCC, en vanwege monetaire en andere pressiemiddelen  is de WCC al jaren meegegaan met de belangen van de CCP.

De secretaris generaal van de WCC bracht begin 2018 een officieel bezoek aan China en had een ontmoeting met verschillende christelijke organisaties die door de Partij worden beheerst, waaronder de Chinese Christelijke Raad, het Nationaal Comité van de Drie, de Patriottische Beweging van de Protestantse Kerken in China en de Staatsadministratie voor Religieuze Zaken. In China is het aantal leden van niet-officiële christelijke groepen (ondergrondse kerken) veel groter dan van de officiële; toch hebben de WCC-afgevaardigden geen enkele niet-officiële christelijke groepering ontmoet om frictie met Beijing te vermijden.

b. Beperking van religie

De infiltratie van het communistische spook in het Westen is alom tegenwoordig en religie is murw geslagen door ideologieën en gedrag die God belasteren. Ideeën als “scheiding van kerk en staat” en “politieke correctheid” komen voort uit het communisme en werden gebruikt om rechtschapen orthodoxe religies te marginaliseren en saboteren.

De Verenigde Staten werd gebouwd als één natie onder God. Alle presidenten legden, toen ze beëdigd werden, hun hand op de Bijbel en vroegen God om Amerika te zegenen. Tegenwoordig, wanneer religieuze mensen kritiek uiten op gedrag, ideeën en beleid dat afwijkt van goden, of zich uitspreken tegen abortus of homoseksualiteit, welke door God verboden zijn, gaan communisten of militante linkse groeperingen in het offensief. Zij gebruiken “scheiding van kerk en staat” als stok dat religie niets met politiek te maken zou moeten hebben en proberen zo de wil van God en de vermaningen en beperkingen die door goden zijn opgelegd, te ontkrachten.

Gedurende duizenden jaren hebben goden zich laten zien aan degenen die geloven. Trouwe mensen met rechtschapen overtuigingen vormden in het verleden de meerderheid van de samenleving en hadden een enorme positieve invloed op de maatschappelijke moraal. Vandaag de dag kunnen mensen alleen nog maar binnen de kerk praten over Gods wil. Buiten de kerk kunnen ze de pogingen om Gods regels voor menselijk gedrag te ondermijnen niet tegenhouden of bekritiseren. Religie heeft bijna geheel haar functie verloren van het handhaven van de maatschappelijke moraal  en als gevolg daarvan is de moraal in de Verenigde Staten als een aardverschuiving afgegleden.

In de afgelopen jaren is de politieke correctheid tot dermate nieuwe hoogten gestuwd, dat men in een land dat op het christendom is gegrondvest, aarzelt om vrolijk kerstfeest te zeggen. Dit is enkel omdat sommigen vinden dat dit politiek incorrect is en de gevoelens van niet-christenen zou kunnen kwetsen. Ook wanneer mensen openlijk over hun geloof in God spreken of tot God bidden, beweren sommigen dat dit discriminerend is voor mensen van andere overtuigingen, waaronder niet-gelovigen. Maar het is een feit , dat ieder zijn overtuigingen, inclusief respect voor zijn goden, op zijn eigen manier mag uitdrukken. Dit heeft niets te maken met discriminatie.

Op scholen mogen tegenwoordig geen lessen meer worden gegeven over rechtschapen overtuigingen en traditionele waarden. Leraren mogen niet van de schepping spreken, omdat de wetenschap het bestaan van God nog moet bewijzen. De wetenschap moet ook nog atheïsme en evolutie bewijzen, maar deze theorieën worden op scholen als waarheid onderwezen. Uitspraken die goden aanvallen, afwijzen en belasteren daarentegen, worden allemaal beschermd en verheerlijkt onder de noemer van vrijheid van meningsuiting.

De infiltratie van het communistische spook in de samenleving, en de beperking en manipulatie van religie, cultuur, onderwijs, kunst en recht is een toenemende complexe kwestie. We zullen er in toekomstige hoofdstukken uitgebreid op ingaan.

3.De verdraaide theologie van het communistische spook

In de vorige eeuw wonnen verschillende verdraaide theologische concepten aan belang vanwege het communistische gedachtegoed dat door de religieuze wereld ging. Hierbij werden geestelijken gehersenspoeld en orthodoxe religies werden geïnfiltreerd en op subtiele wijze gecorrumpeerd. Geestelijken interpreteerden de Geschriften schaamteloos naar hun eigen grillen en vervormden de rechtschapen leringen van orthodoxe godsdiensten, zoals nagelaten door verlichte wezens. Vooral in de jaren zestig zaaiden “revolutionaire theologie”, “theologie van hoop”, “politieke theologie” en andere verwrongen theologische concepten verzadigd van marxistisch denken, chaos in de religieuze wereld.

Veel Latijns-Amerikaanse priesters werden in de vorige eeuw opgeleid in Europese seminaries en waren sterk beïnvloed door de nieuwe theologische theorieën die door communistische trends  waren vervormd. “De “bevrijdingstheologie” was van de jaren 60 tot de jaren 80 actief in Latijns-Amerika met als belangrijkste vertegenwoordiger de Peruaanse priester Gustavo Gutiérrez.

Deze theologie bracht rechtstreeks klassenstrijd en marxistisch gedachtegoed in religie. Het interpreteerde Gods medeleven voor de mensheid alsof dat betekende dat de armen zouden moeten worden bevrijd, en dat religieuze gelovigen dus zouden moeten deelnemen aan klassenstrijd om de armen gelijke status te geven. Dit gedachtegoed gebruikte de instructie van de Heer aan Mozes om de Joden uit Egypte weg te leiden als theoretische basis voor het geloof dat het christendom de armen zou moeten bevrijden.

Deze opkomende theologie, die de nadruk legt op klassenstrijd en de vestiging van het socialisme, werd zeer geprezen door Fidel Castro, de leider van de Communistische Partij van Cuba. Hoewel de traditionele katholieke kerk zich heeft verzet tegen de verspreiding van deze zogenaamde opkomende theologieën, nodigde de nieuwe paus, die in 2013 werd benoemd, de vertegenwoordiger van de liberale theologie, Gutiérrez, als belangrijkste gast uit voor een persconferentie op 12 mei 2015 op het Vaticaan. Dit toont aan de stilzwijgende instemming en steun van de huidige katholieke kerk voor deze bevrijdingstheologie.

Bevrijdingstheologie verspreidde zich eerst over Zuid-Amerika en later over de rest van de wereld. In verschillende delen van de wereld zijn er vele vergelijkbare theologische concepten naar voren gekomen, zoals “zwarte theologie”, “vrouwen theologie”, “Dood van God theologie”, “liberale theologie” en zelfs “homo theologie”. Deze verwrongen theologieën hebben het geloof in katholieke, christelijke en andere orthodoxe overtuigingen over de hele wereld ernstig verstoord.

In de jaren zeventig was de leider van de beruchte Volkstempel van de Discipelen van Christus (“Volkstempel” in het kort), die zichzelf de reïncarnatie van Lenin noemde, een bevlogen marxistische adept, die de oorspronkelijke leer van het marxisme-leninisme en van Mao Zedong als leerstelling van de Volkstempel installeerde. Hij beweerde dat hij de Verenigde Staten aan het bekeren was om zijn communistische idealen te verwezenlijken.

Na de moord op Amerikaans congreslid Leo Ryan, die beschuldigingen tegen de cultus onderzocht, wist de cultusleider dat het moeilijk voor hem zou zijn om te ontsnappen, dus dwong hij zijn volgelingen om op wrede wijze massaal zelfmoord te plegen. Hij doodde zelfs degenen die niet bereid waren om zelfmoord met hem te plegen. Uiteindelijk pleegden meer dan 900 mensen zelfmoord of werden vermoord. Deze cultus tastte de reputatie van religies aan en had een negatieve invloed op het rechtschapen geloof van mensen in orthodoxe religies. Het had dus een ernstige negatieve invloed op mensen in het algemeen.

4. Religieuze Chaos

Het boek The Naked Communist, gepubliceerd in 1958, noemt 45 doelen die het communisme moet vernietigen in de Verenigde Staten. Opmerkelijk genoeg zijn de meeste doelen al verwezenlijkt. Nummer 27 op de lijst luidt: “Infiltreer in de kerken en vervang geopenbaarde religie door ‘sociale’ religie. Breng de Bijbel in diskrediet…..”[8].

Met name de drie oorspronkelijke orthodoxe religies – het Christendom, het Katholicisme en het Jodendom (ook wel de geopenbaarde religies genoemd) – zijn vandaag de dag op demonische wijze veranderd en beheerst door het communistische spook en hebben hun oorspronkelijke functie verloren. Nieuwe sektes, die op communistische principes en concepten gebaseerd zijn, of demonisch zijn veranderd, zijn nog directere manifestaties van de communistische ideologie geworden. Religies waren belangrijke hoekstenen voor het handhaven van de soepele en normale gang van zaken in het westen, maar ze zijn door het communistische spook onherkenbaar vervormd.

In de kerken van verschillende religies verkondigen bisschoppen en priesters tegenwoordig afwijkende theologische concepten terwijl ze hun volgelingen verder corrumperen en met hen in een non-stop reeks van schandalen betrokken raken. Veel gelovigen gaan naar de kerk omdat ze denken dat het een beschaafd iets is om te doen, of zien het zelfs als een vorm van vermaak of sociaal leven, maar ze zijn niet echt toegewijd aan het cultiveren van hun karakter.

Religies zijn van binnenuit gecorrumpeerd. Het resultaat is dat mensen hun vertrouwen in religies en hun rechtvaardige overtuigingen in Boeddha’s, Dao’s en goden kwijtraken en hun geloofsovertuigingen laten varen. Als de mens niet in het goddelijke gelooft, zal God hem niet beschermen en zal de mensheid uiteindelijk worden vernietigd.

Op 29 juni 2017 organiseerde het Victoria Police Department in Australië een korte persconferentie om aan te kondigen dat de Australische kardinaal George Pell zich zou moeten verantwoorden voor beschuldigingen van meerdere beklaagden in verband met seksuele misdrijven. Pell werd de aartsbisschop van Melbourne in 1996 en kardinaal in 2003. In juli 2014 nam Pell in opdracht van paus Franciscus de verantwoordelijkheid voor het toezicht op alle financiële transacties in het Vaticaan. Hij beschikte over een enorme macht en was de nummer 3 in het Vaticaan.

De Spotlight column uit 2002 van de Boston Globe bevatte een reeks rapporten over seksueel misbruik van kinderen in de Verenigde Staten door katholieke priesters. Uit het onderzoek van de verslaggevers is gebleken dat er in de afgelopen decennia bijna 250 Boston-priesters waren die kinderen hadden misbruikt en dat de kerk, in een poging om dit te verbergen, geestelijken van het ene district naar het andere verplaatste, in plaats van de politie te informeren. De priesters bleven kinderen in de nieuwe gebieden misbruiken, waardoor er steeds meer slachtoffers vielen.

Soortgelijke gebeurtenissen verspreidden zich snel over de Verenigde Staten. De onthullingen strekten zich uit tot priesters in andere landen met katholieke aanwezigheid, zoals Ierland, Australië en meer. Andere religieuze groeperingen begonnen de corruptie van de katholieke kerk publiekelijk aan de kaak te stellen.

Uiteindelijk werd Paus Johannes Paulus II onder publieke druk gedwongen in het Vaticaan een conferentie te houden voor Amerikaanse katholieke kardinalen, waarbij het Vaticaan toegaf, dat seksuele mishandeling van kinderen een misdaad is en dat de administratieve structuur van de kerk hervormd zou worden. Verder zou de kerk priesters die kinderen seksueel misbruikt hadden uitbannen en zouden de misdadigers gevangen gezet worden. De kerk heeft tot op heden meer dan 2 miljard dollar betaald aan schikkingen voor de misstanden.

Het aftroggelen van geld van gelovigen in naam van religie is ook een veel voorkomend verschijnsel geweest. In China hebben verschillende religies bijvoorbeeld ongebreideld geld verduisterd door te profiteren van het geloof van gelovigen in Boeddha’s, Daos en goden. Dit heeft religie effectief tot een bedrijf gemaakt. Er wordt geld in rekening gebracht voor religieuze ceremonies en voor aanbidding door wierookverbranding, waarbij vergoedingen soms oplopen tot 100.000 yuan ($ 15.000).

Meer kerken en tempels zijn gebouwd. Die zien er bijzonder fraai uit aan de buitenkant, maar het rechtschapen geloof in God is tanende. Discipelen die echt cultiveren zijn er steeds minder. Veel tempels en kerken zijn ontmoetingsplaatsen geworden voor boze geesten en schimmen en tempels in China zijn veranderd in commerciële toeristische trekpleisters, waar monniken hun salaris verdienen en boeddhistische en taoïstische abten als directeuren aan het roer staan.

Tijdens de zogenaamde studiegolf van het Verslag van het 19e Congres van de Chinese Communistische Partij beweerde de plaatsvervangend voorzitter van de Chinese Boeddhistische Vereniging tijdens “het Trainingsprogramma voor de Geest van het 19e Congres”: “Het 19e Congresrapport is een hedendaags boeddhistisch geschrift en ik heb het drie keer met de hand gekopieerd.” Hij verklaarde ook: “De Chinese Communistische Partij is de Boeddha en Bodhisattva van vandaag, en het 19e Congresrapport is een hedendaags boeddhistische geschrift in China, en het schijnt met de gloeiende stralen van het geloof in de Communistische Partij”.

Er waren ook mensen die een beroep deden op boeddhistische gelovigen om zijn voorbeeld te volgen en de methode van het met de hand kopiëren van het geschrift van het 19e Congresrapport toe te passen met een vroom hart, waarop zij verlichting zouden kunnen bereiken. Toen dit nieuwsbericht werd gepubliceerd in het Nanhai Boeddhistisch Instituut in de provincie Hainan, leidde het tot een enorme controverse en werd het uiteindelijk verwijderd. Desalniettemin werd het rapport op grote schaal verspreid via het internet.

Dit incident toont aan dat het officiële Boeddhisme in China vergeven is van politici-monniken en in wezen geen gemeenschap voor cultivatie is. In plaats daarvan is het officiële Boeddhisme in China een instrument geworden dat door de Chinese Communistische Partij wordt gebruikt voor haar inspanningen met het Verenigd Front.

Meer dan duizend jaar lang werden bisschoppen over de hele wereld rechtstreeks benoemd en erkend door het Vaticaan. De ongeveer 30 bisschoppen die eerder door het Vaticaan in de Chinese regio werden erkend, zijn niet erkend door de CCP. Op hun beurt hebben het Vaticaan en de aan het Vaticaan trouw gebleven katholieken in China (met name de ondergrondse gelovigen) de door de Communistische Partij benoemde bisschoppen niet erkend. De nieuwe paus is echter, onder voortdurende druk en verleiding van de CCP, onlangs gesprekken met de CCP begonnen, die erop wijzen, dat de door de CCP benoemde bisschoppen door het Vaticaan erkend zullen worden. Zo zouden bisschoppen die eerder door het Vaticaan waren aangesteld, buitenspel worden gezet.

De kerk is een geloofsgemeenschap met als doel gelovigen in staat te stellen te cultiveren, hun moraal te verheffen en uiteindelijk terug te keren naar de Hemel. Als er in de menselijke wereld akkoordjes worden gesloten met een kwaadaardige geest in revolte tegen God, waar het communistische spook bisschoppen mag voordragen en benoemen en zo het geloof van tientallen miljoenen katholieken in China onder zijn hoede neemt, hoe zou God dan tegen de zaak aankijken? Wat zal de toekomst dan brengen voor de tientallen miljoenen katholieken in China?

In China, een land met een rijke traditionele cultuur, heeft het spook van het communisme met grote precisie een systeem geïmplementeerd, dat de traditionele cultuur met geweld verwoestte, orthodoxe religies vernietigde en de fysieke lichamen van mensen sloopte. Tegelijkertijd werd de samenleving gedemoraliseerd en de band tussen de mens en de goden doorgesneden – allemaal met het doel om de mens volledig te vernietigen.

In het Westen en andere delen van de wereld gebruikte het communistische spook misleiding en infiltratie om orthodoxe religies te beduvelen en om mensen in verwarring en van de wijs te brengen, zodat ze hun orthodoxe geloofsovertuigingen zouden opgeven. Ze drijven zo verder weg van de goden tot ze hun totale vernietiging tegemoet gaan. Ongeacht de middelen die door het spook werden gebruikt, het uiteindelijke doel is hetzelfde: de vernietiging van de mensheid.

Hoofdstuk 5 (Deel 2)Hoofdstuk 7 (Deel 1)

Voetnoten

[1] Pospielovsky, Dimitry V. 1987. History Of Marxist-Leninist Atheism And Soviet Antireligious: A History Of Soviet Atheism In Theory And Practice And The Believer. Springer. p. 80

[2] https://www.loc.gov/exhibits/archives/ae2bkhun.html

[3] From an interview of Patriarch Alexy II, given to “Izvestia” No 137, 10 June 1991, entitled “Patriarch Alexy II: – I Take upon Myself Responsibility for All that Happened”, English translation from Nathaniel Davis, A Long Walk to Church: A Contemporary History of Russian Orthodoxy, (Oxford: Westview Press, 1995), p 89. See also History of the Russian Orthodox Church Abroad, by St. John (Maximovich) of Shanghai and San Francisco, 31 December 2007

[4] From the Heart of the Panchen Lama, Central Tibetan Administration, India, 1998, http://tibet.net/wp-content/uploads/2015/04/FROM-THE-HEART-OF-THE-PANCHEN-LAMA-1998.pdf

[5] Momchil Metodiev, Between Faith and Compromise: The Bulgarian Orthodox Church and the Communist State (1944-1989) (Sofia: Institute for Studies of the Recent Past/Ciela, 2010).

[6] Ibid.

[7] Christopher Andrew, “KGB Foreign Intelligence from Brezhnev to the Coup,” In Wesley K. Wark (ed.), Espionage: Past, Present, Future? (London: Routledge, 1994), 52.

[8] W. Cleon Skousen, The Naked Communist (Salt Lake City: Izzard Ink Publishing, 1958, 2014), Chapter 12.

中文正體